Over kinderen, hun psychische problemen, hun ouders en hun behandelaars.

De ADHD-epidemie: een probleem van ons allemaal

Al jarenlang is het volstrekt normaal om kinderen met gedrags- en concentratieproblemen direct door te verwijzen naar de kinder- en jeugdpsychiatrie. Zowel deskundigen als ouders zijn het eens: een combinatie van specialistische hulp en een multidisciplinair team is het beste voor het kind. Nu er steeds meer geluiden uit de samenleving komen om een andere koers te gaan varen is er een soort lobby ontstaan van ouders en professionals om kinderen toch vooral te laten diagnosticeren en medicatie te geven. Dit terwijl kinderen die hyperactief en ongeconcentreerd zijn en hierdoor problemen ondervinden, ook goed geholpen kunnen worden met hulp op een ‘lager’ niveau.

Alles onder de noemer van ADHD

Het argument van veel deskundigen dat kinderen vaak met ernstige problematiek binnenkomen en om die reden specialistische hulp nodig hebben valt niet te weerleggen. Zij vergeten echter nogal eens te benoemen dat ernstige problematiek niet uit de lucht komt vallen. Meestal is er een lang proces van jaren aan voorafgegaan voordat kinderen en ouders uiteindelijk vastlopen. Daarnaast is het zo dat ook kinderen met lichte problematiek standaard bij de kinder- en jeugdpsychiater komen, want aan selecteren bij de poort doet men niet. De stap naar de kinder- en jeugdpsychiatrie lijkt misschien logisch, maar voor de meeste van deze kinderen is het onverstandig en ongezond. Een kind dat opgroeit met de overtuiging een stoornis te hebben of erger: dat het een hersenaandoening(!) heeft en/of stofjes mist, zal nooit meer volledig in zichzelf geloven en vrij zijn om zich gezond te kunnen ontwikkelen. Veel kinderen die hyperactief en ongeconcentreerd zijn, de zogeheten: ADHD’ers, hebben allerlei ernstige problemen ontwikkeld door een verkeerde begeleiding (lees: geen) in de eerste jaren, toen de gedrags- en concentratieproblemen nog mild waren. Daarnaast spelen ook omgevingsfactoren vaak een grote rol. Deze ernstige problemen zien deskundigen en ouders vaak als een soort bijverschijnsel van ADHD. Kinderen die volledig flippen en hun ouders te lijf gaan en kinderen die bijna niet meer functioneren: het wordt állemaal toegeschreven aan de ADHD.

Diagnosticeren is niet de oplossing

Laat het duidelijk zijn: drukke en ongeconcentreerde kinderen bestaan en dat ligt echt niet altijd aan de ouders. Sommige kinderen zijn zelfs extreem druk. Deze kinderen grootbrengen is een enorme klus en vergt enorm veel van ouders. Wanneer alles en iedereen in de omgeving van deze kinderen stabiel is en zij veel structuur en liefde krijgen, zullen deze kinderen meestal zonder veel problemen opgroeien. Is dit echter niet het geval, dan gaat het direct mis en raken deze kinderen volledig de weg kwijt. Aan de lopende band drukke en ongeconcentreerde kinderen diagnosticeren met ADHD lost dit probleem echt niet op. Het brengt zelfs een groot gevaar met zich mee: deskundigen zien hierdoor alle bijkomende problematiek rondom het kind vaak over het hoofd, want het kind “heeft” nu eenmaal ADHD. Dat ADHD enkel een beschrijving is van bepaald gedrag (classificatie) en niet de oorzaak van de problemen daar hoor je professionals veel te weinig over.

Zolang wij nog in een samenleving leven waarin we ouders scheef aankijken als ze problemen ondervinden in de opvoeding, is er nog een lange weg te gaan.

‘Laag’ instappen met hulp

Wanneer ouders eerder zouden (mogen) onderkennen dat het niet goed gaat met hun kind en dat zij veel moeite hebben met de opvoeding, zouden zij al in een vroeg stadium hulp kunnen inroepen. Hulp in een goede eerste lijn die volledig (!) vergoed wordt. Vroege hulp en ondersteuning van een goede orthopedagoog en/of psycholoog kan veel grote problemen in een later stadium voorkomen. Teruggaan naar de basis is dan wel eerst nodig. Zolang we nog in een samenleving leven waarin mensen denken dat psychische problemen en gedragsproblemen van kinderen altijd aan het kind liggen, en zolang wij nog in een samenleving leven waarin we ouders scheef aankijken als ze problemen ondervinden in de opvoeding, is er nog een lange weg te gaan. Want wees nu eerlijk: wie durft volmondig te beweren dat hij nooit een ouder met een onhandelbaar kind in de supermarkt heeft veroordeeld? En wie kan beweren dat hij zijn stuiterende buurjongetje af en toe eens een middagje ophaalt, zodat zijn oververmoeide moeder ook even kan bijtanken? Hoeveel mensen kunnen oprecht zeggen dat zij dat ‘lastige’ hyperactieve kind in de familie geregeld te logeren vragen? Veel zullen het er niet zijn vrees ik. Daarnaast is het zo dat er maar heel weinig mensen zijn die écht verder durven en kunnen kijken dan het onhandelbare, drukke kind. Mensen die zonder te oordelen liefdevol en met begrip naar ouders kijken. Ouders met misschien wel financiële zorgen, relatieproblemen, stress en werkloosheid. Of ouders die lijden aan oververmoeidheid door werk, psychische beschadiging door hun eigen jeugd, ziekte en eenzaamheid et cetera. In plaats van begrip, steun en een helpende hand krenkt hun omgeving ze nog eens extra en worden zij nóg eenzamer dan ze al zijn. Want vergeet niet: de moeder (of vader) die overdag tegen haar kind schreeuwt is vaak dezelfde moeder die ‘s avonds schuldig aan de rand van het bed zit van haar slapende kind, zich wanhopig afvragend waardoor het weer zo mis kon gaan.

Maatschappelijk probleem

ADHD is een maatschappelijk probleem. Dit probleem is niet alleen toe te schrijven aan ouders die zogenaamd hun kinderen niet kunnen opvoeden, of aan ouders en leerkrachten die professionals vragen – en soms zelfs bij hen aandringen – om een diagnose te stellen. Ook ligt het niet alleen aan kinder- en jeugdpsychiaters, waarvan er vele alleen nog maar biomedisch kunnen denken en aan de lopende band zware ‘medicatie’ voorschrijven. Of alleen aan onze overheid en zorgverzekeraars die eisen dat er eerst een diagnose komt voordat zij hulp vergoeden. Ook ligt het niet alleen aan ons idiote onderwijssysteem dat enkel gericht is op cijfers en competitie en kinderen niet voorbereidt op het leven maar op een baan. En het is zélfs niet alleen de schuld van de farmaceutische industrie die – soms in samenwerking met artsen – ADHD promoot en er slapend rijk van wordt. Nee… ADHD is een probleem van ons allemaal! En wij allen zijn medeverantwoordelijk. Van de buurvrouw die liever wegkijkt in plaats van haar hulp aanbiedt, de leerkracht die nooit eens enthousiast is over het drukke en ‘moeilijke’ kind, tot aan de kinder- en jeugdpsychiater die Ritalin voorschrijft. Zolang wij als samenleving blijven vinden dat ouders zwak zijn wanneer zij een zeer druk en temperamentvol kind niet aankunnen, van mening blijven dat opvoeden een aangeboren talent is, niet willen zien dat we ons onderwijs drastisch moeten hervormen, en wij onze ogen sluiten voor de problemen om ons heen, zal er weinig veranderen. Dan zullen (vastgelopen) drukke en ongeconcentreerde kinderen ook in de toekomst de kinder- en jeugdpsychiatrie blijven overspoelen. Onschuldige kinderen die ons alleen maar laten zien wat er mis is in onze wereld…

 


 

Deze blog is oorspronkelijk geschreven voor Druk en Dwars. Gezien de inhoud is er in samenspraak besloten om deze blog ook op De Kennis – Blogs te plaatsen.

Yvonne van Riemsdijk Over Yvonne van Riemsdijk

ervaringsdeskundige schrijver & spreker | betrokken en bevlogen, maar ook kritisch en niet altijd politiek correct | heeft brede ervaring in de (kinder- en jeugd)psychiatrie en kindergeneeskunde | strijdt voor hervormingen, met name in de kinder- en jeugdpsychiatrie | sport, leest en struint graag door de natuur | heeft drie volwassen zoons

Reacties

  1. Vrouw, in de veertig zegt:

    Je hebt gelijk dat ouders zich niet moeten schamen als er problemen zijn, Yvonne. Ook niet het ‘gewonere’ problemen in de opvoeding zijn.
    Het punt is, dat als je zwaar ontremd gedrag hebt, dat je je kapot schaamt. Zeker als volwassene. En bovendien krijg je van allerlei mensen, hoe tolerant ook, de hele dag aanmerkingen op al je tekortkomingen. Dan is de naam van het een of ander fenomeen dat ‘anders’ functioneert in het hoofd toch veel minder erg, dan de situatie dat mensen zouden denken dat je te weinig je best doet en dat het jou even makkelijk zou moeten afgaan om je aan te passen als een ander.
    Ik heb zelf een periode zeer ontremd gedrag gehad, echt beschamend. Daar MOEST iets tegen ingenomen worden; ik wrong me in allerlei bochten om mijn gezin niet tot last te zijn. Dat lukte soms, maar nog niet altijd. Ik beet op het laatst constant op mijn tong om me in te houden, en nog lukte het niet. Dan moet je, om het leven draaglijk te maken voor jezelf, op gegeven moment medicatie nemen. Of helemaal geen mensen meer zien (en je gezin verlaten).
    Mijn gedachten vlogen 10 kanten tegelijk op en ik kon geen vijf regels lezen, ik had de tijd niet meer, ondanks dat ik in feite tijd genoeg had. Ik had ook geen visueel voorstellingsvermogen of visueel geheugen meer. Het is dan een grote troost dat je weet dat je een ‘psychische afwijking’ hebt’, in plaats van dat je een afschuwelijk rotmens bent. Overigens bleek het later een tekort aan vitamine B12, door jarenlange verkeerde voeding. Een paar injecties en mijn voedingspatroon aanpassen, en alle klachten verdwenen als sneeuw voor de zon. Ik werd rustig en geconcentreerd. Ik kon weer beelden onthouden in gedachten van wat ik gezien had.
    Omdat ik het verschil weet van leven met en zonder klachten, weet ik dat er een groot deel van bepaalde problemen IN het brein zit. En die veroorzaken een kettingreactie aan andere problemen. Het verschil tussen een ‘aangepaste omgeving’, die het aan kan, en een ongeschikte omgeving die het niet aan kan, betekende in mijn situatie: mijn man bleef bij mij, hoewel hij aan het eind zei: ‘je bent ziek’,. Net als mijn moeder. En het werd ook hem te veel. Niet gek, want ik werd al beroerd van mijn eigen gedrag. Nooit rust, een tornado in jezelf van voortdurende heftige emotie en onrust, niet om uit te houden. Met aangepaste omgeving wat minder kil, maar de klachten genezen er niet door. Integendeel, je haat jezelf om de overlast die je je gezin bezorgt, omdat je niet zo stabiel kunt zijn als je dierbaren, ondanks dat je steeds op tijd weg gaat als het niet lukt. Maar ook dat was niet afdoende, ik voedde op als een kip zonder kop, omdat ik alleen details zag, en geen overzicht.
    Er zijn vormen van concentratie en drukte die tot de gewone variaratie behoren, maar er bestaan nu eenmaal breinen waarmee het verschrikkelijk zwaar is om te leven. En daar komen dan nog ongestructureerde situaties in het onderwijs bij, waar overigens onderhand bijna alle jongens op afhaken, plus al die andere maatschappelijke factoren. Maar er kan er dus ook een groot probleem primair in het brein zitten. Mijn omgeving veroorzaakte de problemen niet. Mijn gedrag WAS extreem, dus een belerende opmerking dat ik me eens moet aanpassen (terwijl ik in het stof beet om dat te doen) is dan niet in te slikken voor mensen die vaak met je gedrag te maken hebben. Het is een hel als mensen je vermijden door je verbale ontremming, dus een pilletje kan soms nodig zijn.
    Wel zouden mensen er een bij stil kunnen staan dat als de ene persoon prettig in de omgang is, en de ander niet, dat het vaak aanleg is (of ook wel trauma door ongelukkige jeugd). Dat bepaalde mensen er niets aan kunnen doen als ze onprettig zijn in de omgang. Maar in de media wordt mijn verhaal al gauw een van: ‘excuses zoeken voor een vervelend gedrag’. Dus tolerantie is echt heel, heel ver weg te zoeken. In die zin, Yvonne, is een deel van je verhaal waar. We moeten het uitdragen van onze eigen en elkaars mening geen lobby noemen, we moeten in gesprek gaan en wat moois maken van al die meningen samen, want dat is keihard nodig voor kinderen, die problemen hadden. Zij zijn nog veel kwetsbaarder dan ik in die tijd was. Van mij kon je nog vragen dat ik probeerde om rekening met mijn omgeving te houden, voor kinderen met grote problemen is dat zoveel moeilijker. En daarmee ook voor hun ouders.
    Overigens mijn stukje schrijf ik met respect voor problemen die niet door vitaminetekort komen! Heel vaak hebben problemen, ook als de oorzaak in het brein zit, een heel andere oorzaak dan bij mij. Ik wil alleen beschrijven hoe enorm groot het verschil is tussen leven met een ‘gemiddeld’ brein en een brein dat wat ‘anders’ werkt.
    (voor informatie over vitamine B12-tekort kan men terecht bij de Stichting B12-tekort).

  2. Misschien dat ze op de basisschool kinderen ook eens wat vaker buiten kunnen laten spelen om de energie kwijt te raken. Hier is het nl maar 10 minuten .scheelt denk ik in de klas ook en overvolle klassen werken ook niet mee natuurlijk

  3. anne-miek wijnbergen anne-miek wijnbergen zegt:

    Ik vind niet dat je verstand hebt van ADHD en ik heb ook andere ervaringen. Mijn oudste loopt regelmatig vast door zijn ADHD, minder dan door zijn autisme. En onze jongste heeft er weinig hinder van. Mijn oudste krijgt wel medicatie is is juist voor zijn ADHD ook langdurig behandeld. Jongste kreeg een andere behandeling en heeft maar heel kort medicatie gebruikt. Nooit hebben wij onze kinderen gezegd dat er iets mis is met ze, dat ze last hebben van het ontbreken van stofjes en dat zij de oorzaak van moeilijkheden zijn. Ze weten wel van hun diagnoses maar voelen zich er geen sikkepit anders door. Het is goed om kinderen vroegtijdig te behandelen, en het niet op zijn beloop te laten. En die behandeling hoort wat mij betreft bij de kinder en jeugdpsychiatrie thuis. Daar is helemaal niets vreemds of raars aan, als je kind diabetes heeft moet het ook regelmatig naar een specialist. Niet altijd is medicatie nodig en ook hoeft het niet levenslang te zijn. Vooralsnog kan mijn oudste niet zonder. Niet dat hij soms niet stopt, maar als hij stopt komt hij erg veel in conflict met zijn omgeving en zichzelf. Het is zijn keus, wij laten hem daar vrij in, hij is nu voor de wet volwassen.
    Wel ben ik ervan overtuigd dat onze maatschappij niet openstaat voor drukke explosieve kinderen. We leven in een snelle samenleving vol keuzes en hoge eisen en bovenal veel prikkels.

  4. Angelique Bergsma Angelique Bergsma zegt:

    Dit is de richting. Dank Yvonne. Hoewel ik die lobby waarover jij spreekt niet zie ben ik zeer verheugd met jouw stelling dat iedereen een andere kijk moet krijgen als het over kinderen gaat met ADHD. Want zij kúnnen niet in dit systeem, tempo, keurslijf en hokjesgeest door blijven hobbelen. We moeten deze kinderen niet langer naar speciaal onderwijs willen sturen omdat ze in het regulier tot last zijn of didactisch achterop raken. We weten dat ze geen medicijnen nodig zouden hebben als ze de ruimte konden krijgen. En nog veel meer.

    En nu. Welke stappen gaan we concreet samen zetten om deze hele maatschappij inclusief beeldvorming te verbeteren zodat deze kinderen kunnen en mogen zijn zonder probleemeigenaar gemaakt te worden en zonder medicatie. Ik meld me aan om mee te denken. Omdat ik het met je eens ben. Wie had dat ooit gedacht.

    Groet,

    Angelique Bergsma