Over kinderen, hun psychische problemen, hun ouders en hun behandelaars.

Ouder- en kindteams en de specialistische jeugd-ggz

De transitie van de jeugd-ggz naar de gemeenten vindt over een dikke twee maanden plaats. Belangrijk onderdeel van het nieuwe jeugdhulpstelsel zijn de lokale jeugdteams die gemeenten installeren. Elke gemeente doet dat een beetje anders, maar de kern is dat preventieve zorg voor jeugd (bijvoorbeeld opvoedingsondersteuning, jeugdgezondheidszorg) en de lichtere vormen van jeugdzorg, jeugd-LVB en jeugd-ggz, geïntegreerd op bijvoorbeeld wijk- of dorpsniveau worden georganiseerd. In de stadsregio Amsterdam gebeurt dat in de vorm van ouder- en kindteams (OKT’s). De specialistische vormen van jeugdhulp, waaronder de specialistische jeugd-ggz, worden ingekocht bij gespecialiseerde instellingen, zoals de Bascule. Als instelling voor specialistische jeugd-ggz worstelden we met de vraag hoe we onze relatie met die OKT’s moesten vormgeven.

De kinder- en jeugdpsychiatrie heeft zich als sector lang verzet tegen de overgang van de specialistische jeugd-ggz naar de gemeenten, omdat zij van mening is dat deze in het domein van de verzekerde gezondheidszorg thuishoort. Een kind met een ernstige vorm van autisme, een ernstige depressie of een psychotische stoornis heeft een specialistische behandeling nodig, net als een kind met juveniele diabetes mellitus of een ernstige vorm van astma. Tegen de overgang van de lichtere vormen van jeugd-ggz (wat sinds 2014 de basis generalistische ggz is gaan heten) heeft altijd veel minder bezwaar bestaan. Ook in de volwassenen-ggz zien we immers een scheiding tussen de basis generalistische ggz en de gespecialiseerde ggz.

Nu de regering heeft beslist dat de transitie van ook de jeugd-ggz naar de gemeenten doorgaat, heeft de sector zich daar bij neergelegd en vol ingezet op het goed regelen van de zorg voor jeugdigen met een psychische aandoening, ook in het nieuwe stelsel. Mijn vorige blog beschreef hoe ingewikkeld dat voor instellingen soms kan zijn.

Dilemma: wel of niet in het OKT?

2Pubers-startenEen dilemma waar we bij de inrichting van het nieuwe stelsel bij de Bascule meteen tegenaan liepen, is hoe we ons als specialistische instelling voor kinder- en jeugdpsychiatrie kunnen verhouden tot de nieuwe OKT’s. Aan de ene kant zouden we daar ver van moeten blijven, omdat daar juist de preventieve en basis generalistische jeugd-ggz wordt geleverd, geïntegreerd met andere vormen van jeugdhulp. En wij zijn typisch een instelling voor specialistische jeugd-ggz. Ook de gemeenten houden de dure, specialistische zorg het liefst wat op afstand; die mag alleen op verwijzing vanuit de lokale jeugdteams worden ingezet (naast de verwijzingen door de huisarts of kinderarts, die gewoon mogelijk blijven).

Aan de andere kant echter willen we dat er voldoende expertise in de lokale jeugdteams zit, om zo een goede beoordeling te kunnen maken welke zorg voor een kind het beste past: binnen het lokale jeugdteam of de specialistische jeugd-ggz. Dan moeten we in elk geval advies en consultatie aanbieden, maar misschien ook wel mensen in deze teams.

De gemeenten in de stadsregio Amsterdam besloten gz-psychologen in de OKT’s te willen, om zo voldoende ggz-expertise te hebben om eenvoudiger aandoeningen zelf te kunnen behandelen, maar ook om te weten wanneer moet worden doorverwezen naar de specialistische ggz. De Amsterdamse ggz-instellingen hebben daarom besloten om vanuit hun personeelsbestand de gemeenten gezamenlijk deze gz-psychologen te “leveren”, in totaal 34 FTE. Het “voor”-argument van goede zorg voor de kinderen en jongeren laten we dus prevaleren boven het tegenargument van de specialistische identiteit van de Bascule. Daarmee geven we ook steun aan de visie van de gemeenten dat juist aan de “voorkant” goede expertise aanwezig moet zijn. Net als op de spoedeisende hulp van de algemene ziekenhuizen, waar ook juist bij de eerste opvang de meest deskundige mensen moeten zitten die snel de ernst van de binnengebrachte patiënten kunnen beoordelen en kunnen zorgen dat ook snel de juiste behandeling wordt ingezet.

En hoe krijgen we dat dan voor elkaar?

Dit bleek niet zo simpel gedaan als gezegd. De meeste gz-psychologen die bij de gespecialiseerde instellingen als de Bascule werken, zijn dat immers gaan doen omdat ze juist met die gespecialiseerde ggz veel affiniteit hebben. De animo om in de OKT’s te werken was dus aanvankelijk bij veel gz-psychologen niet zo groot. Tegelijkertijd konden we als de Bascule niet al deze mensen missen op de gespecialiseerde afdelingen waar ze tot nu hun werk doen; ze zouden gaten laten vallen die de continuïteit van de specialistische zorg in gevaar kunnen brengen. Het bleek niet eenvoudig om de gz-psychologen te overtuigen om in de OKT’s te werken en hun managers te tonen dat het noodzakelijk is om deze medewerkers te laten gaan.

Het belang van de kinderen en jongeren die jeugd-ggz nodig hebben, wat voor zowel de gemeenten als voor ons de belangrijkste drijfveer is, maakt dat we hier uiteraard wel uit gaan komen.

Daarnaast is het van belang dat de gz-psychologen aansluiting houden met de gespecialiseerde zorg om hun rol goed te kunnen vervullen. Vanuit het perspectief van de instelling en de gz-psychologen zouden we ze bijvoorbeeld voor de helft van hun tijd in de OKT’s en voor de andere helft van hun tijd op een van de gespecialiseerde afdelingen willen laten werken. Maar de OKT’s hebben natuurlijk liever mensen die daar het grootste deel van de week werken om zo de continuïteit in de teams te borgen. Een lastig dilemma, waar we feitelijk nog steeds mee worstelen.

Uiteindelijk hebben we vanuit de Bascule een eerste voorstel kunnen doen voor de invulling van dit aanbod, dat nog niet helemaal aansloot op wat de OKT’s graag willen. Verder overleg was dus nog nodig.

Naar een duurzame oplossing

Op het moment dat ik dit schrijf zijn we, in overleg met de gemeenten, het definitieve voorstel nog aan het invullen. Het belang van de kinderen en jongeren die jeugd-ggz nodig hebben, wat voor zowel de gemeenten als voor ons de belangrijkste drijfveer is, maakt dat we hier uiteraard wel uit gaan komen. We vinden een oplossing die voor de OKT’s werkt, maar die ook de kwaliteit van de specialistische zorg bij de Bascule niet in gevaar brengt. En die ons de tijd geeft gaandeweg samen uit te vinden wat een goede en duurzame oplossing is.

Die duurzame oplossing zal recht moeten doen aan de juiste expertise in de OKT’s, voldoende beschikbaarheid van gz-psychologen voor de OKT’s, het onderhouden van voldoende kennis van de specialistische ggz bij de gz-psychologen in de OKT’s en het overeind houden van de kwaliteit van de specialistische behandelteams.

En dat gaat ons lukken!

Wim Gorissen Over Wim Gorissen

directeur effectiviteit en vakmanschap bij het Nederlands Jeugdinstituut | roeier | sociaal-geneeskundige (arts M&G) | liefhebber van chocolade en van Latijns-Amerikaanse en klassieke muziek | getrouwd en twee volwassen kinderen

Reacties

  1. miek wijnbergen miek wijnbergen zegt

    Ik hoorde laatst een deskundige in trauma’s die ook aan de voorkant zat. Ongetwijfeld een kundige mevrouw. Maar ik hoorde haar zeggen dat veel diagnoses adhd en autisme niet kloppen omdat trauma over het hoofd wordt gezien. Een ouder komt met de klacht dat het kind zo slecht slaapt. Daar kan dus een trauma achter zitten. Op zich hield ze een goed verhaal maar uitgerekend kinderen met autisme en/of adhd zij vaak slechte (in)slapers. Daarbij hebben veel kinderen akelige dingen meegemaakt. Hoeveel kinderen hebben bijv. niet gescheiden ouders, een overleden opa of oma en noem maar op. Ik vind het griezelig dat deze mensen met hun specifieke kennis gaan oordelen over de juiste hulp aan mijn kinderen. Ik wil iemand die goed kan uitpluizen welk probleem er achter de vraag, het slechte slapen bijv., kan zitten. Niet iemand die met een tunnelvisie trauma en bijbehorende behandeling gaat opperen. Mensen uit deze teams moeten kunnen terugvallen op gespecialiseerde ggz medewerkers als zij meer vermoeden of als een standaard cursus geen succes heeft

  2. angelique2811@gmail angelique2811@gmail zegt

    Als ouder van een kind met McDD en een kind die zeer veel last ervaart van ADHD ben ik blij met dit blog. Belangrijk is nu dat deze als naslagwerk op plaatsen terecht komt waar beleid geschreven en uitgevoerd gaat worden. Ook ik blijf sterk van mening dat fors inzetten aan de voorkant uiteindelijk rendement op termijn oplevert aan de achterkant. Ik zou daarom graag Ecorys willen aanbevelen. Ik heb een zeer bevlogen econoom aangehoord en of we nu spreken in zorg of in geldtermen…….als de voorkant een goede poortwachter kent, plukt iedereen hier de vruchten van. Het is dus evenzo simpel als dat het klinkt.

  3. Wat een ingewikkelde en lastige dilemma’s.
    Ik vind het nog steeds een groot probleem. Als je je expertise niet inzet aan de voordeur dan is daar onvoldoende specialistische jeugdGGZ expertise, maar nu is het risico dat de JeugdGGZ zo versnipperd raakt dat er op een gegeven moment geen jeugdGGZexpertise meer is want daarvoor is een zekere concentratie en een zeker volume nodig.
    Ik zit zelf niet in een positie dat ik daarover moet beslissen. Ik weet ook niet of ik de omslag zou kunnen maken. Na een jaar verzet tegen een stelsel wat ik desastreus vind me toch inzetten er het beste van te maken. Let wel. Ik vind wel dat dat moet, want we kunnen de kinderen er niet de dupe van laten worden. Gelukkig dat er mensen zijn die zich ervoor in zetten er het beste van te maken.

Het Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie maakt gebruik van cookies voor analyse van het gebruik van deze website en om de website optimaal te laten werken. Uw bezoek blijft daarbij anoniem. Voor meer informatie, zie onze privacyverklaring

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten