Over kinderen, hun psychische problemen, hun ouders en hun behandelaars.

€100.000 garandeert kwaliteit jeugdhulp?!

Amsterdam heeft voor de keuze van jeugdhulpaanbieders een wel erg bijzonder ‘kwaliteitscriterium’ gekozen. Een zorgaanbieder moet – in de eigen Amsterdamse regio – minimaal een omzet van €100.000 hebben. Wie dit niet haalt, mag niet meedoen bij de inkoop. Waardoor kinderen niet meer terecht zullen kunnen bij kleine jeugd-ggz instellingen (zoals Vitaalpunt) of grotere die buiten de regiogrenzen (zoals Curium-LUMC) gelegen zijn.

Niet langer ingekochte zorg

Amsterdamse kinderen kunnen vanaf 2015 enkel nog terecht bij de instellingen waar Amsterdam jeugdhulp inkocht. Althans, als men wil rekenen op tegemoetkoming vanuit de gemeente. Als men running-therapie wil voor een depressie, dan zal het elders moeten dan bij Vitaalpunt. Tenzij men zelf betaalt uiteraard. Specifieke hulp buiten de regio is ook niet langer mogelijk. Bij Curium-LUMC worden thans nog regelmatig Amsterdamse kinderen behandeld, bijvoorbeeld:

  • voor een opname op de acute psychiatrie, als de afdelingen in Amsterdam vol zitten of als een jongere (tijdelijk) in onze regio verblijft.
  • voor een specialistische behandeling die niet in Amsterdam kan, of waar men in Amsterdam niet uitkomt. Bijvoorbeeld voor anorexia nervosa. Door de intensieve samenwerking van Curium-LUMC met de kindergeneeskunde van het LUMC kan opname bij ons een optie zijn.
  • als op geschikte opname afdelingen in Amsterdam geen plek is. Omdat patiënten zich niet gelijkmatig gespreid doorheen het jaar aanbieden, gebeurt dat niet zelden. Tijdens een piek in Amsterdam kan het best zijn dat er in Leiden een dal zit.
  • bij verblijf van Amsterdamse kinderen in het LUMC of de jeugdzorg-plus-instelling de Vaart. Curium-LUMC biedt daar de psychiatrische zorg.
Dichtbij heeft voordelen tenzij …

Dat Amsterdam zorg van kinderen zo dichtbij mogelijk wil organiseren, is uiteraard prima. Voor gezinnen is dat het allerbeste. Zo kan Amsterdam continuïteit tussen zorgvormen optimaliseren, en is het eenvoudiger om alternatieve – zo licht mogelijke – zorg te organiseren. Aanbieders kennen elkaar bovendien, waardoor een eventuele overdracht van zorg eenvoudiger verloopt.

Door zorg dichtbij rigoureus af te dwingen, creëert Amsterdam echter een nieuw probleem. Kinderen in nood zullen geen gepaste snelle hulp krijgen. Ook kinderen met ernstige problemen dreigen verplicht op de regionale wachtlijst te moeten blijven, terwijl in een naburige regio direct hulp beschikbaar is. Als aanbieders – wat Curium-LUMC uiteraard zal doen als nodig – kinderen toch in zorg nemen, dan zullen ze mogelijk verplicht zijn hen over te plaatsen zodra mogelijk. Een eventuele succesvolle behandeling wordt dan mogelijk gefrustreerd.

Mag Amsterdam zorg zo inperken?

Of het gemeenten wettelijk toegestaan is het zorgaanbod op deze manier te beperken, is zeer de vraag. De staatsecretaris heeft immers meermaals benadrukt dat gemeenten moeten zorgen voor een kwalitatief en kwantitatief adequaat aanbod. Als kinderen zich melden bij Curium-LUMC en het aanbod op dat moment in de eigen regio niet voorhanden is, dan is Amsterdam aldus verplicht hiervoor te betalen. De vraag is echter: hoe verder als blijkt dat er na enige tijd alsnog een gepast aanbod is in de Amsterdamse regio?

Tot slot

Deze Amsterdamse situatie illustreert één van de dilemma’s van de transitie jeugdzorg. Het concentreren van de zorg in de eigen regio is een goede zaak. Goed voor het gezin, goed voor de maatschappij. Als concentreren echter een doel op zich wordt, afgedwongen met absurde financiële selectiecriteria, dan wordt wellicht bewaarheid wat vele ouders vrezen. Uit financiële overwegingen zal het een stuk moeilijker worden gepaste hulp te krijgen. Ik ben ervan overtuigd dat ook Amsterdam dit niet beoogt.

Deze blog is geschreven voor bekend was dat het academische onderdeel van Curium-LUMC voor landelijke inkoop in aanmerking komt. Daardoor vervalt mogelijk een deel van de beschreven consequenties. De gevolgen blijven echter wel gelden voor andere instellingen en regio’s met een gelijkaardig selectief inkoopbeleid.

Robert Vermeiren Over Robert Vermeiren

hoogleraar Kinder- en Jeugdpsychiatrie LUMC | 5 (stief)kinderen & een fantastische vrouw | hoogleraar forensische jeugdpsychiatrie VUMC | liefhebber van (echte) chocolade en verse broodjes op zondag | directeur Patiëntenzorg van Curium-LUMC | Oranje of de Rode Duivels?